Techniek: CITS is een gloednieuw tweetakt-concept

Techniek: CITS is een gloednieuw tweetakt-concept

Tweetakten hebben vele voordelen boven viertaktmotoren, maar vanwege de hoge emissies worden ze nauwelijks meer toegepast. Toch zijn er fabrikanten en uitvinders die nog toekomst zien in de tweetakt. Uitvinder, ingenieur en coureur Basil van Rooyen ontwikkelde de “Crankcase Independent Two Stroke”, die het nuttige met het aangename verenigt.

Een tweetakt kun je compact en superlicht bouwen. Een tweetakt heeft immers elke omwenteling een verbrandingsklap, terwijl een viertakt voor elke verbranding twee krukasomwentelingen nodig heeft. Je kunt dus in theorie met de helft van de cilinderinhoud hetzelfde vermogen genereren. En dat terwijl de hele gaswisseling van een tweetakt “vanzelf” via poorten en kanalen plaatsvindt, terwijl een viertaktmotor daarvoor kleppen heeft, die via riemen of kettingen en nokkenassen worden bediend, tegen de veerkracht van de kleppen in. Dat geeft nogal wat wrijvingsverliezen. De tweetakt heeft dus heel wat voordelen: hij is goedkoper te maken en hij is kleiner en lichter. Minder gewicht betekent dat er minder energie nodig is voor de acceleratie en de compacte bouw zorgt ervoor dat je meer vrijheid hebt in de plaatsing van een motorblok.

Spoelen

Het tweetaktproces wikkelt zijn hele spoel- en verbrandingsproces dus af in een opwaartse en een neerwaartse slag, waarbij hetgeen zich onder de zuiger afspeelt minstens zo interessant is als wat zich boven de zuiger afspeelt. Als de zuiger omhooggaat, wordt het volume onder de zuiger namelijk groter. Dat geeft een onderdruk in het carter, dat per cilinder hermetisch is afgesloten. Bij ouderwetse tweetakten zit er onderin de cilinderwand een poort, waarop het inlaatkanaal met de carburateur of het injectorhuis is aangesloten. Deze poort wordt door de zuiger afgesloten als de zuiger in het onderste dode punt staat. Als de zuiger omhooggaat, komt die poort onder de zuiger vrij. Door de onderdruk die ontstaat wordt er dan een lucht-brandstofmengsel via het inlaatkanaal in het carter gezogen. Tegelijkertijd wordt het mengsel boven de zuiger gecomprimeerd. In het bovenste dode punt wordt het mengsel aangestoken en begint de verbrandingsslag.

Met dank aan Motoren & Toerisme

Delen: